Kennistest bedrijfsbeheer

Om met succes te ondernemen is het belangrijk dat je voldoende afweet van bedrijfsbeheer. Hoe zit het met je kennis? Duid telkens het beste antwoord aan:
1. Je kan zelfstandige zijn in hoofd- of in bijberoep. Wanneer ben je zelfstandige in bijberoep?
 
2. Daar waar voor een werknemer de sociale zekerheidsbijdragen betaald worden door de werkgever, moet je als zelfstandig ondernemer zelf je sociale bijdragen betalen. Hoeveel sociale bijdragen betaal je?
 
3. Tegenover sociale bijdragen staan ook sociale rechten. Wat zijn jouw sociale rechten als zelfstandige?
 
4. Hoe kies je een naam voor je zaak?
 
5. Je staat op het punt een perceel grond aan te kopen voor je bedrijf. Je weet dat er zich tot enkele jaren terug mogelijk vervuilende installaties op die grond bevonden. In de onderhandse akte (compromis) is daarvan geen sprake. Het wettelijk verplichte bodemattest vermeldt "Geen gegevens bekend". Wat doe je?
 
6. Om je onderneming goed te runnen is het nodig om een zeer grote omzet te realiseren op een zo kort mogelijke tijd. Ben je het daarmee eens?
 
7. Wat is een eenmanszaak?
 
8. Als je als startend ondernemer beslist een vennootschap op te richten, welk voordeel is hier dan volgens jou aan verbonden?
 
9. Waar het financieel eigenlijk op aankomt is:
 
10. Als je iemand aanwerft, moet je die uiteraard ook betalen. Welke van volgende stellingen is volgens jou het meest correct?
 
11. Is je boekhouding t.o.v. de fiscus bewijskrachtig? M.a.w. is de fiscus verplicht de cijfers die je aangeeft te aanvaarden?
 
12. Mag je je autokosten volledig als beroepskost aftrekken van je inkomsten?
 
13. Als ondernemer loop je tal van risico's. Hoe ga je best met die risico's om?
 
14. Een gouden regel voor een gezond financieel evenwicht:
 
15. Je bent als ondernemer niet alleen actief op de markt. Hoe ga je om met je concurrenten?
 
16. Wat zijn de dagelijkse openingstijden van ondernemingen? Mag je die als ondernemer vrij bepalen?
 
17. Een klant is ontevreden over de diensten die je leverde en komt later terug naar jouw zaak om hierover te klagen. Hij is opgewonden en uit zijn ongenoegen. Hoe reageer je?
 
18. Voor het runnen van een bedrijf heb je vaste en variabele kosten. Welke bewering over vaste kosten is correct?
 
19. Je gaat in je financieel plan ook na of je zaak voldoende liquide is. Als dit niet het geval is, kan het zijn dat je in de loop van het jaar geconfronteerd wordt met een tekort aan middelen om al je facturen te betalen. Welke van volgende voorgestelde suggesties is volgens jou meest aangewezen om dit te voorkomen?
 
20. Het positioneren van je bedrijf is...